Algemeen Nut Beogende Instelling

 

wait
wait

Denkstof

Van de voorganger

 

‘Het openen van uw woorden verspreidt licht’                                              Psalm 119:130

‘Uw woord is een lamp voor mijn voet en een licht op mijn pad’.               Psalm 119:105

 

We hebben inmiddels de 2e ‘coronaweek’ achter de rug. De regering heeft verdergaande maatregelen afgekondigd die ook voor ons, als gemeente, gevolgen hebben. Wij zullen, zoals het er nu naar uitziet, in elk geval t/m zondag, 31 mei, niet bij elkaar kunnen komen. Dat betekent nogal wat. Bij mijn weten is een regeringsmaatregel die, in verband met de volksgezondheid, ook de kerken een tijdje platleggen, in de kerkgeschiedenis van Nederland nog niet eerder voorgekomen. Elders wel, bv. met de Spaanse griep.
Bij deze vervelende maatregelen, het drukt je toch wel wat terneer, zijn er ook hoopgevende en positieve signalen. Op het moment dat ik dit schrijf zijn er berichten dat in Nederland het stijgende aantal besmettingen iets afvlakt. In China, in de provincie van waaruit het virus zich over de wereld heeft verspreid, is er een einde aangekondigd van de lock-down-periode. Alhoewel wij nog aan het begin staan van die periode lijkt er dus toch licht te zijn aan het eind van de tunnel. En wat vind je van de hartverwarmende initiatieven die in heel Nederland opduiken?: Hotelketens die hun accommodaties beschikbaar stellen om daarin alternatieve ziekenhuizen op te zetten of de (tien)duizenden ex-zorgprofessionals die zich aanmelden om in de ziekenhuizen bij te springen.

We beginnen ook een beetje te wennen aan de situatie. We leren de situatie te accepteren. Het is niet anders, we moeten er met z’n allen doorheen. Plannen moeten worden bijgesteld. Geplande voorjaarsvakanties, het familiefeestje, het sporttoernooi waar je naar hebt uitgekeken, je jubileum enz, enz: Het gaat allemaal niet door. Daar waar het eerst nog spannend en interessant was worden de maatregelen nu voelbaar. Zij die alleen thuis zitten beginnen het alleen-zijn nu ook meer te voelen.

In zulke tijden heb je behoefte aan contact en gesprek maar dat mag nu juist weer niet. En juist het belangrijkste aspect van een gemeente, nl. de gemeenschap, wordt ons even ontnomen. Natuurlijk zijn er ook dingen in ons geloofsleven die onveranderd overeind blijven: God verandert niet. Hij is de Onveranderlijke van Israël (1 Samuël 15:29), Jezus verandert niet want Hij ‘is gisteren en heden dezelfde en tot in eeuwigheid’. (Hebreeën 13:8) en de Bijbel verandert ook niet want er ‘zal er niet één jota of één tittel van vergaan’. (Mattheüs 5:18). Bij een zomaar plotseling veranderde omgeving/samenleving zijn dit voor ons als gelovigen zekerheden die overeind blijven. En daar liggen voor ons juist de lichtpunten, daar trekken wij ons aan op. Bij alle vragen en onzekerheden (en die zijn er nu in overvloed) over de toekomst en bij wat ons misschien nog te wachten staat, vinden wij hulp en troost in onze onveranderlijke God en Zijn onveranderlijk Woord.

De verzen die hierboven vermeld staan gaan daarover. Velen zeggen: Psalm 119 gaat over de wet. En dat is ook zo maar deze typering van deze Psalm is niet helemaal volledig. Psalm 119 gaat eigenlijk over de relatie van de gelovige met de wet. En hier moet je ‘de wet’ niet opvatten als een stelsel van regels waar je je aan moet houden maar de wet is in de Bijbel soms ook de naam voor het hele Oude Testament. In dat verband zijn er heel wat synoniemen in Psalm 119 te vinden: zijn getuigenissen (vs.2), uw bevelen (vs.4), uw inzettingen (vs.5), uw geboden (vs.6), uw verordeningen (vs.7), uw woord (vs.9). In deze lange Psalm wordt de wet steeds weer met deze synoniemen genoemd. Het gaat daarbij over Gods Woord(en) en de invloed dat dat op het leven van een gelovige heeft.

Voor mij sprong deze week vs. 130 eruit: ‘Het openen van uw woorden verspreidt licht’. Wij hebben deze wintermaanden een sombere, donkere, bewolkte periode achter de rug. Steeds maar weer aanvoer van depressies met veel wolken en regen. Je hoorde veel mensen zeggen dat ze er nu wel klaar mee waren en dat ze verlangden naar droog en zonnig weer. Deze afgelopen 2 weken zijn hun/onze wensen uitgekomen met strakblauwe luchten en de zon die de hele dag stond te schijnen. Daar wordt je vrolijk van. Dat geeft uitzicht, zin in de lente en de zomer. Het geeft een hoopvol gevoel.

Ik vermoed dat velen van ons zich in de huidige situatie bedrukt voelen, terneergeslagen. Je gedachten misschien wel in een donkere wolk gevangen. Voor sommigen van ons is de wereld heel klein geworden. Je komt de deur bijna niet uit en je mag niet even de troostende armen van iemand anders om je heen voelen. Alsof de troosteloosheid van de afgelopen winter nóg een keer over ons komt maar dan anders. Wat was het weer van de afgelopen we(e)k(en) een verademing! Wat een samenloop van omstandigheden dat toen de strenge maatregelen van het kabinet van kracht werden juist tóen het weer de omslag maakte naar zon en licht. Ik put daar troost voor de toekomst uit. Jullie ook?

Ook de psalmdichter maakt de vergelijking met licht. Van het natuurlijke licht leren wij iets over het geestelijke licht. Het geestelijke licht dat in ons leven schijnt door Gods aanwezigheid en Zijn woorden. Juist in deze tijd hebben we dat ook zo nodig.

Als je nadenkt over licht en duister heb ik het altijd bijzonder gevonden dat het duister nooit van het licht kan winnen. Er bestaat geen ‘duisternislamp’ die je aan kunt steken zodat het licht verdwijnt. Daar waar een lamp wordt ontstoken moet de dúisternis acuut verdwijnen. Vanuit onszelf tasten wij over heel veel dingen in het duister. In deze tijd overheersen onzekerheden. Hoe loopt het af? Krijg ik het virus ook? Hoe gaat ons economisch en sociaal leven straks de draad weer oppakken? enz, enz. Wat een prachtige woorden vinden wij dan in Psalm 119:130: ‘Het openen van uw woorden verspreidt licht”. En ook vs. 105 over ‘het licht op mijn pad’. Misschien moeten we ook leren dat we niet alles kúnnen weten over en regelen voor de toekomst. ‘Licht op ons pad’ moet ons voldoende zijn. In de tijd toen deze psalm geschreven is bestond ‘het licht op mijn pad’ uit een olielampje met een vlammetje. Net genoeg om de eerste meters vóór je te zien. Wie weet dat z’n leven in Gods hand is heeft ook niet meer nodig.

Gods woord wijst ons de weg. Gods woord geeft ons, ook in tijden van onzekerheid en donkerte, troost en bemoediging. Zijn woord ‘verlicht’ onze onzekere toekomst. Gods Woord dráágt ons met bemoedigende uitspraken en gedachten. Als de fysieke ruimte om ons heen als het ware kleiner wordt zet Gods Woord ons in een grotere geestelijke ruimte. Probeer eens bij je Bijbellezen één troostend woord of één bemoedigende zin die dag(en) tot je lijfspreuk te maken. Dat helpt je om te vertrouwen dat God met Zijn woorden altijd bij je is.

Ik wens ons allemaal toe dat we mogen ervaren dat Gods woorden en beloften ons op de been houden.

Harry Pot

 

Rembrandt van Rijn is één van de bekendste schilders uit onze vaderlandse geschiedenis. Van hem is bekend dat hij in zijn schilderijen speelde met licht en donker. In 1628 schilderde hij het afgebeelde schilderij: ‘Paulus en Petrus in discussie’. Ik weet niet wie wie is maar diegene die we op de rug kijken heeft overduidelijk de Bijbel op schoot. De ander wijst ernaar met een betekenisvolle en expressieve blik. Ergens linksboven is een lichtbron. Die Bijbel ligt in het volle licht. Wat zien wij in dit schilderij? Ik zie erin dat God de externe lichtbron is, dat Hij met Zijn licht de aandacht vestigt op Zijn Woord en dat de Bijbel op die manier het licht van God kan weerkaatsen in ons leven.

-